Meer huishoudelijke hulp in Drechtsteden

61

Regio Drechtsteden – Het gebruik van huishoudelijke ondersteuning via de Wmo ligt in de Drechtsteden 10 procent hoger dan het landelijk gemiddelde. Het aantal toewijzingen voor huishoudelijke ondersteuning daalt wel, maar dat lijkt in lijn met de landelijke ontwikkeling. Dat laat het Drechtstedenbestuur weten naar aanleiding van het onderzoek naar het gebruik van Wmo- maatwerkvoorzieningen in de regio. Ongeveer 70 procent van de mensen die zich melden voor huishoudelijke ondersteuning krijgt een advies om een aanvraag te doen. Van de aanvragers krijgt bijna iedereen de gevraagde ondersteuning.

Eigen bijdrage

Het gebruik van huishoudelijke ondersteuning via de Wmo is in vier jaar tijd met een kwart afgenomen, al zit er sinds een half jaar juist weer een lichte stijging in. Eén van de verklaringen is dat het inkomen van jonge 65-plussers hoger is dan oudere generaties, in combinatie met de eigen bijdrage die ze moeten betalen. Dat maakt dat deze mensen er vaker voor kiezen zelf huishoudelijke hulp te regelen, buiten de Wmo om. Daarnaast kijken Wmo-consulenten in de ‘keukentafelgesprekken’ ook eerst naar wat mensen zelf nog kunnen, eventueel met hulp van hun omgeving. Dit is ook vastgelegd in de wet en het Wmo-beleidsplan van de Drechtsteden.

Opvallend is dat de voorzieningen als individuele begeleiding en dagbesteding juist sterk toenemen. Voor deze voorzieningen bestaan minder alternatieven dan voor huishoudelijke ondersteuning, en het gaat juist bij deze voorzieningen vaak om mensen die minder zelfredzaam zijn.

Aandacht

Regionaal portefeuillehouder Karin Lambrechts: ,,Maatwerkvoorzieningen zijn heel belangrijk, daar maken we ons hard voor. Ik maak me wel zorgen over een beperkte groep kwetsbare mensen die afzien van hulp terwijl ze zichzelf slecht kunnen redden en moeilijk rond kunnen komen. Voor die mensen moeten we extra aandacht hebben.”