
Op 9 mei viert de heer Den Hartog zijn 103e verjaardag. Burgemeester Marian Witte ging bij hem langs om hem persoonlijk te feliciteren, met een mooie bos bloemen namens het gemeentebestuur. Het werd een bijzonder bezoek: niet alleen vanwege de indrukwekkende leeftijd, maar ook omdat beide gesprekspartners ooit burgemeester waren van Geertruidenberg. Dat leverde meteen mooie herinneringen en herkenning op.
De heer Den Hartog is op 9 mei 1923 geboren in ’s-Gravendeel. Hij komt uit een gezin met 2 zussen en 1 broer. Zijn vader was fitter bij het waterleidingbedrijf. Het gezin woonde in de dienstwoning naast de watertoren. Van 1936 tot 1938 ging hij naar de ambachtsschool, waar hij leerde voor machinebankwerker. Bij een smid in ’s-Gravendeel heeft hij leren lassen en werkervaring opgedaan. Later ging de heer Den Hartog werken bij Penn en Bauduin (ijzergieterij en bekend van het bouwen en herstellen van bruggen en vuurtorens). Hij volgde daarnaast een vakopleiding en behaalde een tweede diploma metaalindustrie. Op de avondschool volgde hij 4 jaar de zwaarste studie: machinist op de grote vaart.
3 jaar dwangarbeid in Duitsland
Op zijn 19e werd hij van de ene op de andere dag door de Nederlandse overheid naar Duitsland gestuurd om in de Duitse oorlogseconomie te gaan werken. Nadat hij medisch goedgekeurd was, moest hij zich de volgende dag melden op het Arbeidsbureau, waar het contract al klaarlag. De heer Den Hartog was een van de 380.000 Nederlanders die tussen mei 1942 en juli 1943 voor dwangarbeid naar Duitsland werden gestuurd. Na een jaar zou hij weer thuis zijn. Dat werd 1 juni 1945, na een terugreis van 6 weken.
In 1944 kwam meneer zijn toekomstige Russische vrouw Wera tegen in de kogellagerfabriek in Duitsland. Daar werkte hij met veel andere dwangarbeiders. Ook zij was tewerkgesteld. Wera werkte in de keuken. Contact was verboden, maar op zondagmiddag hadden de Russische en Oekraïense vrouwen 2 uur vrij. Samen met de Hollanders gingen ze dan in groepen naar het bos. Al pratende ontstond er iets tussen de 2. In 1947 trouwde hij met Wera. Het echtpaar kreeg 2 dochters en 2 zonen. 1 zoon is helaas 2 jaar geleden overleden. De heer Den Hartog heeft 8 kleinkinderen en 12 achterkleinkinderen.
Machinebankwerker en vakbondswerk
Na de Tweede Wereldoorlog pakte hij zijn oude vak als machinebankwerker weer op. Hij werd lid van de vakbond en meteen secretaris van de afdeling. Via de vakbond deed hij veel cursussen en zo werd hij bestuurder van de metaalbewerkersbond. Van 1956 tot 1978 werkte hij vanuit verschillende standplaatsen: Leeuwarden, Den Haag, Dordrecht. Hierdoor woonde het gezin telkens ergens anders en wisselden de kinderen regelmatig van school. Samen met de avondvergaderingen was dat een zware tijd voor het gezin.
Toen hij in 1988 met pensioen ging, heeft hij 21 jaar met zijn vrouw in Doetinchem gewoond. Sinds haar overlijden in 2009 is hij weer in ’s-Gravendeel komen wonen. Meneer vond het een goede keus om hier weer terug te komen.
10 jaar burgemeester Geertruidenberg
De heer Den Hartog was lange tijd politiek actief. Zo was hij in Dordrecht fractievoorzitter van de PvdA. En van 1978 tot mei 1988 is hij, tot aan zijn pensionering, 10 jaar burgemeester geweest van gemeente Geertruidenberg. Daarna heeft hij zich een aantal jaren verdiept in de aanpak en afhandeling van de dwangarbeid door de Nederlandse overheid. Hij wist dit op de politieke agenda te krijgen.
Zijn sterke interesse voor geschiedenis en dan met name voor de sociale kant daarvan, blijkt hier wel uit. Hij zette zich graag in voor dingen die volgens hem mis waren. Nog steeds probeert hij bij te blijven op politiek en sociaal vlak en met wat er om hem heen gebeurt. Hij leest nog dagelijks de krant (NRC) en heeft daar wekelijks gesprekken over met zijn oude buurman, en over alles wat verder ter tafel komt. Zo staat hij nog midden in het leven.









